Bestuurder

Een kruispunt is een ontmoetingspunt van wegen waar het verkeer van richting kan en mag veranderen. Op een kruispunt is voorrang verlenen verplicht. Een kruispunt moet je daarom met de nodige voorzichtigheid naderen. Op deze manier kan je aan de voorrangsverplichtingen voldoen. Je kunt dan ook beter reageren als je zelf voorrang hebt, maar het niet krijgt. Soms is het beter om iemand die geen voorrang heeft, tóch voorrang te verlenen. Bijvoorbeeld voor een vlotte doorgang van het verkeer of het bevorderen van een veilige verkeerssituatie.
 
Je moet dus niet alleen weten wat de verkeerstekens betekenen en hoe de verkeersregels luiden. 
Je moet ook kunnen bepalen wanneer het beter is om geen voorrang te nemen. Voorrang verlenen is meer dan voor het kruispunt stoppen. Een grote vrachtauto of bus heeft veel ruimte nodig om een bocht te nemen. Je moet hier rekening mee houden als je stopt. Denk ook aan een tram. De bestuurder kan niet echt uitwijken. Je moet er dus voor zorgen dat hij ongehinderd zijn weg kan vervolgen.
 

Auto 

De snelheid waarmee je een kruispunt nadert, is van groot belang. Je moet namelijk voorkomen dat je hard moet remmen om voorrang te verlenen. Als je 50 km/uur rijdt, moet je er minimaal 5 seconden over doen voordat je stilstaat. Rijd je 80 km/uur, dan moet je er ongeveer 8 seconden over doen (zie script 13, remmen). Je verleent dan op een goede manier voorrang.
 
Omgeving 
Bij naderen en oprijden van kruispunten moet steeds zo veilig mogelijk worden gehandeld. Onnodig hinderen en blokkeren moet worden voorkomen. De belangen van voetgangers, blinden en gehandicapten bepalen veelal het gedrag van anderen. Door hun beperkingen durven of kunnen zij niet oversteken. De andere weggebruikers zijn dan verantwoordelijk voor deze kwetsbare groep.
 

Op de volgende pagina staat de instructievideo over dit script.